Over boodschap en thematiek

Bij sommige teksten kun je prima spreken over het doel of de boodschap, bij andere spreek je beter over thematiek. Leerlingen vinden het soms verwarrend. Wat is het verschil? Hoe leg je het uit?

Wie literaire analyses van leerlingen onder ogen krijgt, bijvoorbeeld paper 1’s van het programma Dutch A: Literature, stuit geregeld op uitspraken als ‘de auteur wil de lezer iets leren’ of ‘de schrijver doet dit om het makkelijker te maken voor de lezer’. Een analyse die dergelijke zinnen bevat, is vrijwel nooit geslaagd. Waar ligt dat aan?

Het probleem met zulke uitspraken is dat de leerling geen onderscheid lijkt te maken tussen een zakelijke tekst (waarbij je doorgaans prima over doel en publiek kunt spreken) en een hedendaagse prozatekst, die helemaal niet de bedoeling heeft om de lezer een les te leren of een gemakkelijke leeservaring te bieden. Een literaire tekst stelt juist wat vanzelfsprekend lijkt ter discussie en roept vragen op. Dat kunnen ook complexe of ongemakkelijke vragen zijn.

Veel zakelijke teksten, van een brochure over afvalinzameling tot een instructie ‘Wat te doen bij brand?’, zijn eenduidig: ze leggen uit hoe iets zit. Die teksten geven antwoord op vragen of instructies bij een probleem. Sommige literaire teksten doen dit ook: Mariken van Nieumeghen bevat een impliciet antwoord aan de 16e-eeuwse lezer: Ja, Maria zorgt voor jou. En Sara Burgerhart laat de 18e-eeuwse Nederlandsche juffers zien dat verstand dient te prevaleren bij de partnerkeuze.

Voor hedendaagse teksten geldt dit al lang niet meer – met uitzondering misschien van sommige literaire non-fictie. De auteur van een hedendaagse roman stelt zich niet op als autoriteit, er is geen les of didactisch doel. De roman heeft een thema, roept vragen op en dwingt de lezer zijn vertrouwde werkelijkheid te linken aan een andere wereld. Een literaire tekst is bijna per definitie meerduidig. De lezer moet aan de slag!

Ik wijs de leerling graag op het onderscheid tussen de zakelijke tekst (een tekst waarin antwoorden worden gegeven) en een literaire tekst (een tekst die vragen oproept). Als de leerling dit goed aanvoelt, kan het de toegang tot literaire teksten vergemakkelijken. Iets ‘niet snappen’ is dan helemaal niet zo erg. De leerling mag best op onderzoek uit, de rol van detective spelen. De leerling die goede vragen stelt, laat zien dat hij of zij begrijpt waar het bij literaire teksten om draait.

Pieter van der Vorm

Plaats een reactie